Rini Biemans laat weten dat hij er is
antenne rotterdam

rini biemans

jfmamjjasond
1610141923273236414549
2711152024283337424650
3812162125293438434751
4913172226303539444852
5183140
week 16 | zaterdag 20 april 2024 19:38 uur | 1 bezoekers

Hoe mooie dingen ontstaan

Ofwel, hoe wordt een achterstandswijk een prachtwijk.
Een essay van mijn hand, verschenen in de wooninnovatiereeks. Hierin is te lezen over waardecreatie via de Creatief Beheer methode.
In haar boek over de Westelijke Tuinsteden van Amsterdam, stelt Helma Hellinga (2006) dat ‘corporaties hebben in hun nieuwe rol als projectontwikkelaar de agenda voor de stedelijke vernieuwing naar hun hand weten te zetten. De geprivatiseerde corporaties worden door de centrale en lokale overheid aangespoord om zo snel mogelijk grote aantallen huizen te renoveren, te slopen en te bouwen. Zo wordt de stedelijke agenda niet door de behoeften van de buurt bepaald, maar door een bovenlokale agenda voor stedelijke herstructurering. Er is wel inspraak, maar vaak pas op het moment dat de echte beslissingen al genomen zijn. Om echt invloed uit te oefenen op de planvorming zouden bewoners moeten beschikken over stedenbouwkundige en planologische vaardigheden, die nu vaak alleen ingekocht kunnen worden door de opdrachtgever.’

In Rotterdam zijn inmiddels in een heleboel wijken grote herstructureringen gaande, de achterliggende gedachte is dat het eenzijdige sociale woningaanbod doorbroken dient te worden en dat er meer woningen moeten komen voor de midden en hogere inkomens. Dit zijn langdurige processen en duren gemiddeld 10 tot 15 jaar, in de tussentijd moet er ook gewoond en geleefd worden. Er wordt een beeld geschetst van ‘even doorzetten, straks wordt het beter’. Je zou echter ook kunnen stellen dat een wijk constant aan het veranderen en ontwikkelen is, dus dat je de kwaliteit van wonen en leven in de wijk moet garanderen en liefst verbeteren. Dus dat men de overlast van sloop en nieuwbouw moet beperken, dan wel tot een voordeel moet omvormen.

Justus Uitermark, promovendus aan de Amsterdamse School voor Sociaal-wetenschappelijk onderzoek (UvA), stelt het in zijn artikel ‘Temper de transformatiedrift met bewonersparticipatie’ als volgt.
Participatie is een sleutelwoord in de stedelijke vernieuwing, maar in de praktijk komt er vaak weinig van terecht. Bewoners staan vaak machteloos ten opzichte van de plannenmakers die hun buurt op de schop nemen of asociale jongeren die de openbare ruimte in bezit nemen. Toch is die collectieve machteloosheid geen gegeven. Als gangbare ideeën over ‘woonconsumenten’ of ‘assertieve burgers’ verruild worden voor realistische en creatieve vormen van activering, kunnen ook achtergestelde bewoners een bijdrage leveren aan de sociale en stedenbouwkundige vormgeving van hun buurt.

Hoe zou een wijkaanpak, die de leefkwaliteit van een wijk direct (en niet straks) verbetert, ondanks of juist dankzij herstructurering en waarbij de bewoners zich betrokken voelen en kunnen participeren, eruit zien?

Een van de zaken die speelt bij herstructureringsprocessen, is de regie: wie bepaalt wat er gebeurt? Zoals in de beide citaten aangegeven wordt, zijn bewoners maar ten dele betrokken bij het proces, terwijl zij als gemeenschap toch het meest duurzame element van een wijk vormen.
De waarde van een wijk wordt samengesteld uit vele factoren en manifesteert zich in de prijs van de woningen en de grond. Een aantal factoren waaruit deze prijs is opgebouwd zijn zeer goed te objectiveren, zoals de fysieke kwaliteit van de huizen, de openbare ruimte en de voorzieningen in de buurt, de hoeveelheid groen e.d. Maar wellicht de allerbelangrijkste factor, de kwaliteit van wonen en leven is veel complexer. Vandaar dat deze sociaal dynamische kwaliteit in analyse en aanpak vaak wordt ondergewaardeerd of zelfs genegeerd.

Beheer en onderhoud van de openbare ruimte wordt gezien als een overheidstaak en dus een kostenpost, die voorkomend uit collectieve middelen zo efficiënt mogelijk moet worden uitgevoerd. Inrichting daarentegen is weer een investering voor de lange termijn en kan afgeschreven worden over een x aantal jaren. Daar zit hem de crux; beheer, onderhoud en inrichting worden niet gezien als een integraal dynamisch aangrijpingspunt voor wijkverbetering.

Onder de naam Creatief Beheer zijn wij in Rotterdam sinds 2001 aan het experimenteren in herstructureringsgebieden met diverse projecten in de openbare ruimte om juist hiervoor een praktijk te ontwikkelen. In Rotterdam Delfshaven ontwikkelen en beheren we sinds 2004 een wijkparkje, Proefpark de Punt. Het Proefpark toont aan dat een integrale aanpak van inrichting, gebruik en beheer, niet alleen mogelijk is, maar ook de dynamiek en kwaliteit van de openbare ruimte verbetert.

Tastbare bevestiging van het succes van het Proefpark is de bekroning eind 2005 als een van de meest kindvriendelijke projecten in Nederland. Sindsdien zijn verschillende artikelen verschenen in diverse vakbladen waarin aandacht voor het Proefpark en de methodiek van Creatief Beheer. Dit jaar heeft minister Vogelaar het Proefpark bezocht en noemde op haar weblog het Proefpark een praktijkvoorbeeld waarin de essentie van haar beleid tot uitdrukking komt.

Op het Proefpark wordt gewerkt vanuit organische groei- en managementprincipes. Alles wat gebeurt, bereikt langzaam haar natuurlijke bestemming. De ontwikkeling van het Proefpark is afhankelijk van vele factoren. Het groeit als het ware tussen alle verschillende partijen in en verbindt deze op haar manier. Deze gestage, geleidelijke groei is flexibel en verbetert tegelijkertijd op een duurzame manier de kwaliteit van de openbare ruimte, zowel fysiek als sociaal.

Wij denken, gezien onze ervaringen met deze projecten, waarin we samen met alle betrokkenen - opdrachtgevers (woningbouwcorporaties, grondbedrijf, deelgemeente), bedrijven, wijkorganisaties en bewoners - het geheel organisch laten groeien, dat dit enorme mogelijkheden biedt om te komen tot een andere wijze van wijkaanpak. Een aanpak waarin de openbare ruimte en de gemeenschap als een dynamisch, zichzelf ontwikkelend systeem, geleidelijk in waarde stijgt en waarbij alle belanghebbenden samenwerken (community development).

Juist onderhoud, beheer en inrichting van de openbare ruimte geven mogelijkheden ter verbetering van de integrale woonkwaliteit van een wijk. Momenteel zijn er tal van diensten actief op deze terreinen, die allen een eigen budget en eigen verantwoordelijkheden hebben. Ook is er het sociaal-cultureel werk, het opbouwwerk en vaak ook sociaalartistieke projecten die allen beogen de wijk te verbeteren. De creatief beheer aanpak zou dit alles kunnen verbinden, versterken en zichtbaar maken in de openbare ruimte. Wij geloven in het idee ‘klein beginnen, gestaag groter en beter worden’ (verandering is verbetering).

In de zogenaamde achterstandswijkwijken zijn met name de aspecten groen en kindvriendelijk zeer belangrijk voor gezinnen om te blijven wonen of zich te vestigen in de wijk. Hier zou dan ook de focus moeten liggen bij ieder programma dat de leefkwaliteit van de wijk wil verbeteren. Immers kinderen hebben de toekomst en gezinnen met kinderen zijn de basis voor een wijkgemeenschap. De meeste ouders vinden het prettig om hun kinderen in een groene, veilige en bekende omgeving op te laten groeien en niet steeds te moeten verhuizen. Doel zou moeten zijn de openbare ruimte van een wijk groener, gezelliger, kindvriendelijker te maken. Deze kwaliteiten moeten groeien en de ruimte krijgen, dus willen we van een achterstandswijk een prachtwijk maken, moeten deze kwaliteiten in eerste instantie duurzaam worden verbeterd, vandaar dat wij ons richten op parkjes, groenstroken en de openbare ruimte. Hier kom je alles en iedereen tegen en het is ook de omgeving waarin kinderen opgroeien en dus ook een deel van hun opvoeding krijgen.

De aanpak gaat uit van permanente tijdelijkheid, waarbij investeringen, uitgesmeerd worden over een langer traject om zodoende inrichting, gebruik en onderhoud integraal te kunnen laten groeien. Samenwerking met alles en iedereen uit de wijk (bewoners, scholen, bedrijven, e.a.) heeft tijd en fysiek substraat nodig. De jaarlijkse investering wordt gedaan door partijen die belang hebben bij een duurzame kwaliteitsverbetering van de openbare ruimte en leefkwaliteit van een wijk. (en dit ook in de waarde van hun bezit terugzien). De uitvoering geschied door een onafhankelijke organisatie, die op jaarbasis wordt geëvalueerd, door zowel bewoners als investeerders. Bij goede prestaties mogen ze blijven, zoniet wordt naar een andere organisatie gezocht. Dit breekt feitelijk de markt van beheer en gebiedsontwikkeling open en geeft mogelijkheid tot competitie en zodoende variatie en inspiratie. Een dergelijke aanpak stimuleert creatieve oplossingen, participatie (met hulp van de bewoners gaat het beter en sneller) en samenwerking. Voor de opzet en uitvoering van Proefpark de Punt is een convenant gesloten met een woningbouwcorporatie (Com.Wonen), het OntwikkelingsBedrijf Rotterdam en de deelgemeente Delfshaven, deze partijen verplichten zich tot een jaarlijkse bijdrage (investering).

Momenteel staan er twee projecten in de startblokken, een tijdelijke bloementuin in Spangen (twee jaar) met verhuizing daarna naar een nieuw terrein in de wijk en een project in Bloemhof/Afrikaanderwijk, waarin we trachten een duurzaam traject te ontwikkelen waarbij de gehele wijk zoals boven beschreven langzaam groener en kindvriendelijker wordt. Een eerste aanvangsbudget is hiervoor beschikbaar gesteld door deelgemeente Feijenoord en woningbouwcorporatie Vestia.

De kracht van de methode is dat deze haaks staat op de gebruikelijke aanpak van beheer, onderhoud en inrichting in de openbare ruimte. Waar een enorme neiging is alles zo efficiënt mogelijk te onderhouden. Bij creatief beheer wordt van alles en nog wat geprobeerd en er wordt niet bij voorbaat gekozen voor de makkelijkste weg. Liever herstellen en daardoor wellicht langzamer het doel bereiken, i.p.v. je doel lager stellen. Wij gaan voor prachtig groen, maximale interactie en participatie.
De uitdaging is altijd met hetzelfde geld meer doen! Niet in eerste instantie door efficiëntie, maar door groei en samenwerking. Dit alles werkt voor betrokkenen in een dergelijk project zeer inspirerend.

Wij hebben nu in vier jaar kunnen aantonen dat deze aanpak daadwerkelijk oplevert wat hierboven wordt geclaimd. In het begin gaat het langzaam, verbeteringen zijn niet altijd direct zichtbaar. Zo hebben we bij de uitvoering van Proefpark de Punt het eerste jaar veel kritiek gehad van zowel professionals als bewoners, pas later werden de reacties positiever. Mensen vinden het Proefpark leuk en we hebben nagenoeg geen last van vandalisme, terwijl alles wat er op het Proefpark staat toch redelijk kwetsbaar is. (meer info : creatiefbeheer.nl)

Het mooie is dat het project geen kostenpost is, maar een investering, die geld oplevert. Een rekenvoorbeeld: een wijk van 2000 woningen (gem. waarde 150.000), zou met een investering van 200.000 euro per jaar binnen tien jaar aanmerkelijk verbeteren op het gebied van sfeer, groen en kindvriendelijkheid. Als dit na 10 jaar een extra waarde vermeerdering van bv 2% (zeer laag geschat) veroorzaakt, zou dit een bedrag van 6 miljoen euro zijn, dus de investering heeft een rendement van 200 %. Temeer daar de methode gebaseerd is op groei van sociale verbindingen, zet de waardevermeerdering zich vast in de gemeenschap en de dynamische kwaliteit van de openbare ruimte en dat zijn duurzame kwaliteiten mits zorgvuldig mee omgesprongen. Een belangrijk aspect ook is dat kinderen in een groenere en kindvriendelijkere omgeving opgroeien en op spelende wijze actief participeren en leren.

Ik zou zeggen steek de koppen bij elkaar en ga aan de slag, het levert niet alleen geld op, maar ook betere wijken.


Rini Biemans (1960) ontwikkelt samen met Karin Keijzer  innovatieve stadsprojecten. Daarnaast maakt hij onder de naam Antenne Rotterdam, lokale televisie (TV Rijnmond) en beheert diverse internetsites.
Hij is afgestudeerd arts en heeft een aantal jaren als zodanig gewerkt, In 1990 is hij kunstenaar geworden en sinds 1997 heeft hij zijn huidige praktijk als ondernemer/ontwikkelaar opgebouwd in Rotterdam.
______________
•    Hellinga, H., Onrust in park en stad. Het Spinhuis: Amsterdam, 2006.
•    Uitermark, J., Temper de transformatiedrift met bewonersparticipatie. In: Stadscahiers, Trancity/KEI/STAWON: Haarlem, voorjaar 2007.
 
Array
(
    [122127] => Array
        (
            [naam] => Rini Biemans
            [link] => 
            [reactie] => Zoals ik betoog worden wij niet gesubsidieerd, wij zijn overigens ook niet macrobiotisch, en dit gaat dus niets kosten per hoofd van de bevolking, maar levert op per hoofd. Wij hebben ook niets te maken met het feit dat mensen de stad uit worden gepest !
            [afbeelding] => 2902
            [afbeelding_id] => 2902
            [afbeelding_name] => rini4web.jpg
            [afbeelding_date] => 2005-02-21 17:26:41
            [afbeelding_info] => 
            [afbeelding_filename] => site25_20050221172641_rini4web.jpg
            [afbeelding_site] => 78
            [afbeelding_deleted] => 0
            [afbeelding_maker] => 
            [afbeelding_formanswer] => 0
            [afbeelding_width] => 2319
            [afbeelding_height] => 1893
            [afbeelding_size] => 1646858
            [afbeelding_type] => jpg
            [afbeelding_isimage] => 1
            [afbeelding_isextranet] => 0
            [afbeelding_user] => 0
            [spambot controle] => 
            [react_date] => 2008-10-02 17:03:17
            [react_date_changed] => 2008-10-02 17:04:34
            [react_page] => 0
            [react_user] => 19509
            [react_user_target] => 0
            [react_parent] => 105213
            [react_count_reads] => 
            [react_count_views] => 
            [react_confirmstring] => 4M8VF4J5D3HYB
            [u_name] => Rini Biemans  Biemans
            [u_email] => rini@antennerotterdam.nl
            [react_id] => 122127
            [editable] => 1
        )

)
photo

Rini Biemans | 02 oktober 2008

Zoals ik betoog worden wij niet gesubsidieerd, wij zijn overigens ook niet macrobiotisch, en dit gaat dus niets kosten per hoofd van de bevolking, maar levert op per hoofd. Wij hebben ook niets te maken met het feit dat mensen de stad uit worden gepest !


*

laat dit veld leeg

Tweets by @rinibiemans